Onroerende zaakbelasting (OZB)
De onroerende zaakbelastingen zijn de belangrijkste gemeentelijke belastinginkomsten. De onroerende zaakbelastingen bestaan uit een belasting voor het eigendom (woningen en niet-woningen) en voor het gebruik van niet-woningen.
Tarieven 2024
Grondslag voor de OZB is vastgestelde WOZ-waarde op basis van de Wet Waardering onroerende zaken (WOZ). Voor belastingjaar 2024 is de waarde peildatum 1 januari 2023.
Voor de tariefbepaling 2024 is conform de begroting 2024 gebruikt het indexeringspercentage van 3,9% en is uitgegaan van een waardestijging voor de woningen van 3% en voor de niet-woningen 2%.
In de begroting 2022 is op basis van de motie RAP voor het tarief van de OZB niet-woningen nader uitgewerkt om stapsgewijs tot een regionaal gemiddelde te komen. Voor belastingjaar 2024 is de opbrengst naast de inflatiecorrectie van 3,9% verhoogd met 8%.
Inkomensmaatstaf OZB korting algemene uitkering
Binnen de algemene uitkering uit het gemeentefonds wordt rekening gehouden met een korting, die wordt bepaald op basis van de omvang van de WOZ waarden binnen de gemeente. Voor het jaar 2024 is deze korting € 8,646 miljoen. De opbrengsten voor woningen en niet woningen zijn bij elkaar € 12,772 miljoen. Het kortingspercentage bedraagt daarmee 67,7%. In onderstaande tabel is de korting en het percentage ten opzichte van de OZB-inkomsten voor de laatste vijf jaren opgenomen.
2020 | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | |
---|---|---|---|---|---|
Opbrengsten OZB | 7,879 | 10,365 | 9,849 | 12,772 | 14,113 |
Korting gemeentefonds | 5,979 | 6,173 | 6,558 | 8,645 | 9,062 |
Netto-opbrengsten | 1,9 | 4,192 | 3,291 | 4,127 | 5,051 |
Kortings% gemeentefonds | 75,89% | 59,56% | 66,59% | 67,69% | 64,21% |
2020: OZB Corona-maatregel niet-woningen | |||||
2022: éénmalige belastingkorting huishoudens |